Levensverwachting in Vlaanderen blijft stijgen

De levensverwachting blijft stijgen, zowel voor mannen als voor vrouwen. Ook de tendens dat mannen vrouwen op het vlak van levensverwachting langzaam bijbenen zet door. De levensverwachting van een pasgeboren jongetje was in 2000 75,7 jaar. In 2009 was dat 78,3 jaar. Dit betekent een stijging met 3,1 maand per jaar. De stijging van de levensverwachting voor een pasgeboren meisje ging in dezelfde periode van 81,5 jaar naar 83,2 jaar of een stijging met 2 maanden per jaar. Vlaanderen bevindt zich bovendien in het gezelschap van landen met lage sterftecijfers, zowel voor mannen als voor vrouwen.
kankers, hart- en vaatziekten en zelfdoding blijven de belangrijkste doodsoorzaken. In 2009 waren er in Vlaanderen 57.853 overlijdens. ItaliŽ, Frankrijk, Spanje en Zweden doen beter. Dat blijkt uit de sterftecijfers 2009 die vandaag zijn voorgesteld. De gezondheidsdoelstellingen van Vlaams minister van welzijn, Volksgezondheid en gezin jo vandeurzen beogen gezondheidswinst door preventie en betere gezondheidszorg.

kanker en hart- en vaatziekten voornaamste doodsoorzaken
longkanker is bij mannen van 50 tot en met 79 jaar de voornaamste doodsoorzaak. Bij mannen is de sterfte door longkanker de voorbije 10 jaren aanzienlijk gedaald. Bij vrouwen doet zich een omgekeerde tendens voor. Toch blijven de sterftecijfers voor longkanker bij mannen ongeveer 4 keer hoger dan die voor vrouwen. Vlaanderen zit daarmee boven het Europese gemiddelde.

borstkanker blijft voor vrouwen van 40 tot 69 jaar de voornaamste doodsoorzaak. In Europa haalt Vlaanderen hiermee, net zoals vorig jaar, de op ťťn na slechtste score. Alleen Denemarken scoort slechter.

Ischemische hartziekten blijven globaal de belangrijkste doodsoorzaak, maar er is de voorbije jaren een aanzienlijke daling vast te stellen. In Europa scoren we beter dan het gemiddelde en nemen we na Frankrijk, Spanje en Nederland de vierde plaats in.

De Vlaamse suÔcidecijfers blijven hoger dan het EU-gemiddelde. Slechts zeven EU-landen doen het slechter. Bij vrouwen van 20 tot en met 39 en bij mannen van 25 tot en met 49 jaar is zelfdoding zelfs de voornaamste doodsoorzaak.

Kanker, hart- en vaatziekten en zelfdoding zijn samen verantwoordelijk voor 75% tot 80% van de verloren potentiŽle levensjaren. Met Ďverloren levensjarení bedoelen we het totale aantal jaren dat in de bevolking is verloren gegaan door voortijdige sterfte, d.w.z. sterfte vůůr een bepaalde leeftijd.

Verloren levensjaren zijn bij mannen in volgorde van belangrijkheid toe te schrijven aan longkanker, zelfdoding, en ischemische hartziekten. Bij vrouwen zijn dit borstkanker, op afstand gevolgd door longkanker, zelfdoding en ischemische hartziekten.

Gezondheidswinst door primaire preventie en betere gezondheidszorg
Een aantal doodsoorzaken kunnen door primaire preventie worden vermeden. Primaire preventie betekent dat je voorkomt dat mensen ziek worden of een aandoening ontwikkelen. Dat gebeurt vooral door mensen te informeren over ongezond (vb. tabak, alcohol) en gezond leven (vb. gezond eten en bewegen) en door hen te sensibiliseren gezond te leven. Primaire preventie geldt vooral voor longkanker, ischemische hartziekten, huidkanker, levercirrose en verkeersongevallen.

Daarnaast zijn er doodsoorzaken die zich amper zouden voordoen als de gezondheidszorg perfect georganiseerd en optimaal doeltreffend zou zijn. De belangrijkste doodsoorzaken in deze categorie zijn borstkanker bij vrouwen, cerebrovasculaire aandoeningen en colorectale kanker bij zowel mannen als vrouwen. Het gaat daarbij om sterfgevallen die vermeden kunnen worden door medische interventies zoals vaccinatie, vroegtijdige opsporing en/of gepaste behandeling.

In Vlaanderen concentreren we ons met de gezondheidsdoelstellingen en de preventieprogrammaís op de doodsoorzaken waar we door primaire preventie en of een betere gezondheidszorg zoveel mogelijk voortijdige sterfte kunnen vermijden. Het is belangrijk om dit beleid voort te zetten en te versterken. Een voortgezette en structurele aanpak is dan essentieel. De effecten van dit beleid zullen pas (veel) later zichtbaar worden in de mortaliteitscijfers.

voeding en beweging maken het verschil
Het verband tussen gezonde voeding, voldoende lichaamsbeweging en de preventie van ziektebeelden zoals cardiovasculaire aandoeningen en diabetes is bekend. Het is nadrukkelijk groot. Hart- en vaatlijden is in de overgrote meerderheid van de gevallen het resultaat van vele jaren ongezond leven. Uit de gezondheidsenquÍte 2008 bleek dat Vlaanderen voor gezonde voeding op de goede weg is. Voor beweging en overgewicht is er nog werk aan de winkel. Volgens de jongste gezondheidsenquÍte (2008) steeg de gemiddelde bmi t.o.v. 2004. Ook het percentage overgewicht (van 43% in 2004 naar 47% in 2008) en van obesitas (van 12% in 2004 naar 14% in 2008) steeg. In 2008 deed 45% van de Vlaamse bevolking minstens 30 minuten per dag aan lichaamsbeweging, t.o.v. 41% in 2004.

De uitvoering van het Vlaamse Actieplan voeding en beweging 2009-2015 moet er mee voor zorgen dat we de Vlaamse gezondheidsdoelstelling voor voeding en beweging halen. Het plan bevat 6 strategieŽn voor verschillende doelgroepen en settings. Er zijn strategieŽn voor gezond bewegen en evenwichtig eten in de lokale gemeenschap, bij kinderen en jongeren van 0 tot 18 jaar, op school en bij de actieve bevolking. Voorts zijn er strategieŽn voor zorgverstrekkers en voor informatie en communicatie.

roken: doe het niet of stop ermee!
Tabaksgebruik blijft de belangrijkste oorzaak van longkanker en is een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten, en chronisch longlijden. Longkanker is in de overgrote meerderheid van de gevallen het resultaat van vele jaren roken. De gezondheidsenquÍte 2008 geeft aan dat het aantal rokers in de Vlaamse bevolking daalt van 15 jaar af. Dat geldt voor het aantal dagelijkse rokers (van 22,6% in 2004 naar 18,6% in 2008), het aantal zware rokers (van 9,1% in 2004 naar 6,6% in 2008) en voor mannen die afhankelijk zijn van tabak (van 15,2% in 2004 naar 10,1% in 2008), maar niet voor vrouwen die afhankelijk zijn van tabak (van 9,9% in 2004 naar 10,8% in 2008). Tijdens het schooljaar 2008-2009 rookte 13,7% van de schoolgaande jeugd jonger dan 16 jaar regelmatig. Dit cijfer geeft geen betekenisvolle evolutie aan sinds 2004-2005 (14,2%, informatie uit de VAD leerlingenbevraging). De uitvoering van het Vlaamse actieplan tabak, alcohol en drugs 2009-2015 moet blijvende resultaten opleveren.

Borstkanker vroegtijdig opsporen verhoogt de kans op genezing
Borstkanker is in Vlaanderen de meest voorkomende kanker bij vrouwen. Ongeveer 1 op de negen vrouwen krijgt in haar leven te maken met borstkanker. In 2009 overleden in Vlaanderen 1.377 vrouwen aan borstkanker. Toch overleeft de meerderheid van vrouwen borstkanker. Die kans is groter als borstkanker vroegtijdig wordt ontdekt. Het bevolkingsonderzoek naar borstkanker bij vrouwen van 50 tot en met 69 jaar moet daartoe bijdragen.

In 2009-2010 nam 48,6 % van deze groep deel. Om de vooropgestelde participatiedoelstelling van 75% te bereiken zijn dus extra inspanningen nodig.

In dezelfde periode werden met dit onderzoek 1.820 borstkankers gevonden bij ruim 366.000 gescreende vrouwen. Naast een hoge participatiegraad is de kwaliteit van het onderzoek van groot belang. Bij screening wordt gewerkt met een populatie die in principe gezond is. Er moet worden voorkomen dat gezonde personen bijkomend onderzoek of zelfs behandeling moeten ondergaan. De grootte van de borsttumoren op het moment van opsporing is dan weer van groot belang voor het behandelplan (meer of minder ingrijpend voor de patiŽnte) en de kans op genezing. Vlaanderen scoort op dit vlak binnen de Europese normen.

vaccinatie en screening baarmoederhalskanker redden levens
hpv-vaccinatie is sinds het schooljaar 2009-2010 gratis voor meisjes uit het eerste jaar secundair onderwijs. Het hpv-vaccin beschermt tegen twee types van het Humaan Papillomavirus (HPV) die verantwoordelijk zijn voor ongeveer 70% van alle gevallen van baarmoederhalskanker. Na 1 jaar vaccineren bleek dat ongeveer 83% van de 35.000 meisjes die in aanmerking kwamen volledig gevaccineerd (3 inspuitingen) waren. In vergelijking met andere Europese landen doet Vlaanderen beter of evengoed.

Het is daarnaast belangrijk dat elke vrouw van 25 tot en met 64 jaar om de 3 jaar een uitstrijkje laat nemen. Die aanbeveling is conform de richtlijnen van de Europese Unie en de Wereldgezondheidsorganisatie. In afwachting dat er een Vlaams bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker komt blijft de Vlaamse overheid de provinciebesturen ondersteunen. Die sporen de vrouwen aan om een uitstrijkje te laten nemen door informatiecampagnes of door uitnodigingen te sturen en de deelname te registreren.

Nieuwe gezondheidsdoelstelling en actieplan suÔcidepreventie
In de jaren na 2000 daalden de suÔcidecijfers maar deze trend wordt sinds 2007 gebroken. Sinds 2007 stijgen de cijfers opnieuw, vooral bij de economisch actieve bevolking. De trend tekent zich ook af in andere Europese landen en deed zich ook voor bij vorige economische crisissen. Op 17 december 2011 worden tijdens de Ďgezondheidsconferentie suÔcidepreventieí de nieuwe gezondheidsdoelstelling en het daarbij horend actieplan voorgesteld.
02 dec 2011 19u08
zie ook rubriek