En kind op drie in jeugdhulp is jonger dan 10 jaar

Uit het jaarverslag van Jongerenwelzijn blijkt dat 2012 in grote mate een scharniermoment was. Zo is een begin gemaakt van grootse veranderingen die de jeugdhulp de komende jaren ingrijpend zullen wijzigen. Dat moet leiden tot een betere hulpverlening aan kinderen en jongeren en aan hun gezinnen. Daarnaast maakt het Jaarverslag een uitgebreide balans op van het voorbije werkjaar.
In 2012 organiseerde jongerenwelzijn hulp- en dienstverlening voor 26.984 kinderen en jongeren, zegt Stefaan Van Mulders, administrateur-generaal van Jongerenwelzijn. Dat betekent een groei van 1,9% in vergelijking met het jaar voordien. 1,5% van de Vlaamse jeugd heeft dus te maken met de bijzondere jeugdzorg, dat is 1 kind op de 70. Een spijtige vaststelling daarbij is dat meer dan 40% van de minderjarigen jonger is dan 12 jaar, 30% is zelfs jonger dan 10 jaar. En dat aandeel van toch wel jonge kinderen stijgt elk jaar. Die tendens vinden we heel zorgwekkend. We zien toch wel parallellen met de toename van het aantal kinderen dat opgroeit in armoede, de groeiende kansarmoede en de verbrokkeling van het sociale weefsel door onder meer migratie en gezinnen die uit elkaar vallen.



Het overgrote deel - 84% van de gevallen - zijn kinderen en jongeren in problematische leefsituaties (POS). In minder dan 10% van de begeleidingen gaat het over jongeren die een als misdrijf omschreven feit (MOF) hebben gepleegd. Dat aantal daalt daarenboven reeds een aantal jaren op rij. Zo zijn in 2012 2.759 MOF-maatregelen geregistreerd. In 2011 waren dat er nog 3.134. Bijna 1 op 5 kinderen in de jeugdhulpverlening heeft te maken met pleegzorg. Daarnaast zijn de begeleidingstehuizen en de thuisbegeleidingsdiensten de koplopers. Verder wordt een groot deel van de minderjarigen begeleid buiten de eigen sector. Daarbij gaat het vooral om voorzieningen erkend door Kind en gezin en door het VAPH, of om schoolinternaten of psychiatrische ziekenhuizen. Het Jaarverslag zoomt ook in op de vele en ingrijpende veranderingen die op til zijn in de sector. Centraal staat meer zorg op maat. Daartoe komt er onder meer een modulair kader voor de voorzieningen, waarbij vlotter kan worden geschakeld tussen diverse hulpvormen binnen en tussen voorzieningen. Verder wordt werk gemaakt van een betere afstemming tussen de verschillende sectoren, bij voorbeeld bij pleegzorg.

De pijlers van zorg op maat en afstemming tussen sectoren komen uitdrukkelijk samen in het traject van de integrale jeugdhulp, constateert Stefaan Van Mulders. Zo zal elke jongere met een zwaardere hulpvraag die al dan niet te maken heeft met een verontrustende leefsituatie n en dezelfde toegangspoort passeren. Door zowel vraag als aanbod op vlak van jeugdhulp in n hand te brengen, willen we een beter zicht krijgen op wat er goed loopt of wat juist niet, zodat we op basis daarvan ons beleid en onze aanpak kunnen versterken of bijsturen. Door het brede voor veld dat voor iedereen bereikbaar is de Centra voor Leerlingenbegeleiding, Centra voor Algemeen Welzijnswerk, Kind en Gezin ... te versterken, moeten jongeren met een minder zware hulpvraag dan weer sneller hulp krijgen. Daarbij zetten we vooral in op contextbegeleiding en op krachtgericht werken, waarbij de hulpverlener aan de slag gaat met wat wel nog goed gaat in het gezin en zich niet langer enkel focust op de problemen die er heersen.

Al deze veranderingen betekenen een heuse breuklijn met het verleden en zullen het jeugdhulplandschap en de jeugdhulpverlening in Vlaanderen een totaal ander gezicht geven. Dat heeft ook gevolgen voor het cijfermateriaal. Veel cijferreeksen krijgen een nieuwe invulling of kunnen niet meer verder gezet worden in de toekomst. 2012 was ook en vooral het jaar van de Staten-Generaal Jeugdhulp, besluit Stefaan Van Mulders. We stelden een visietekst op, samen met iedereen die betrokken is bij jeugdzorg en jeugdhulp; jongeren en jongvolwassenen incluis. De conclusie luidde eensgezind: in 2020 is de jeugdhulp in Vlaanderen ontkokerd en transparant. Elk kind, lke jongere, krijgt zorg op maat die kwaliteitsvol is, kracht- en toekomstgericht en ingebed in de maatschappij. Centraal daarbij staat de hulpvraag van de jongere, zijn ouders en de context. De betrokkenheid van kind, jongere n ouder is de meest werkzame factor in de jeugdhulp. Ze spelen allen een actieve rol in het formuleren van hun zorgbehoefte en in het te doorlopen zorgtraject. De jeugdhulpaanbieder moet hen hierbij ondersteunen en versterken, zodat ze greep krijgen op de eigen situatie en hun omgeving: jeugdhulp als een werkwoord.

Jongerenwelzijn is als Vlaams agentschap de stuwende kracht voor hulp aan jongeren in een moeilijke leefsituatie. Op www.jongerenwelzijn.be is meer informatie te vinden over de verschillende hulpvormen.

14 mei 2013 14u45
meer over
zie ook rubriek